The New Life Mission

Preken

Onderwerp 11: De Tabernakel

[11-22] (Exodus 26:1-14) De vier mysteries die verborgen zijn in de dekkleden van de Tabernakel

(Exodus 26:1-14)
“Den tabernakel nu zult gij maken van tien gordijnen, van fijn getweernd linnen, en hemelsblauw, en purper, en scharlaken, met cherubim; van het allerkunstelijkste werk zult gij ze maken. De lengte van een gordijn zal van acht en twintig ellen zijn, en de breedte ener gordijn van vier ellen; al deze gordijnen zullen een maat hebben. Er zullen vijf gordijnen samengevoegd zijn, de een aan de andere; wederom zullen er vijf gordijnen samengevoegd zijn, de een aan de andere. En gij zult hemelsblauwe striklisjes maken aan den kant van de ene gordijn, aan het uiterste, in de samenvoeging; alzo zult gij ook doen aan den uitersten kant der gordijn, aan de tweede samenvoegende. Vijftig striklisjes zult gij aan de ene gordijn maken, en vijftig striklisjes zult gij maken aan het uiterste der gordijn, dat aan de tweede samenvoegende is; deze striklisjes zullen het ene aan het andere samenvatten. Gij zult ook vijftig gouden haakjes maken, en zult de gordijnen samenvoegen, de ene aan de andere, met deze haakjes, opdat het een tabernakel zij. Ook zult gij gordijnen uit geiten haar maken tot een tent over den tabernakel; van elf gordijnen zult gij die maken. De lengte ener gordijn zal dertig ellen zijn, en de breedte ener gordijn vier ellen; deze elf gordijnen zullen een maat hebben.Daarna zult gij een voorhang maken, van hemelsblauw, en purper, en scharlaken, en fijn getweernd linnen; van het allerkunstelijkste werk zal men dien maken, met cherubim. En gij zult hem hangen aan vier pilaren van sittim hout, met goud overtogen; hun haken zullen van goud zijn; staande op vier zilveren voeten. En gij zult den voorhang onder de haakjes hangen, en gij zult de ark der getuigenis aldaar binnen den voorhang brengen; en deze voorhang zal ulieden een scheiding maken tussen het heilige, en tussen het heilige der heiligen. En gij zult het verzoendeksel zetten op de ark der getuigenis, in het heilige der heiligen. De tafel nu zult gij zetten buiten den voorhang, en den kandelaar tegen de tafel over, aan de ene zijde des tabernakels, zuidwaarts; maar de tafel zult gij zetten aan de noordzijde. Gij zult ook aan de deur der tent een deksel maken, van hemelsblauw, en purper, en scharlaken, en fijn getweernd linnen, geborduurd werk. En gij zult vijf dezer gordijnen aan elkander bijzonder voegen, en zes dezer gordijnen bijzonder; en de zesde dezer gordijnen zult gij dubbel maken, recht voorop de tent. En gij zult vijftig striklisjes maken aan den kant van de ene gordijn, het uiterste in de samenvoeging, en vijftig striklisjes aan den kant van de gordijn, die de tweede samenvoegende is. Gij zult ook vijftig koperen haakjes maken, en gij zult de haakjes in de striklisjes doen, en gij zult de tent samenvoegen, dat zij een zij. Het overige nu, dat overschiet aan de gordijnen der tent, de helft der gordijn, die overschiet, zal overhangen, aan de achterste delen des tabernakels. En een el van deze, en een el van gene zijde van hetgeen, dat overig zijn zal aan de lengte van de gordijnen der tent, zal overhangen aan de zijden des tabernakels, aan deze en aan gene zijde, om dien te bedekken. Gij zult ook voor de tent een deksel maken van roodgeverfde ramsvellen, en daarover een deksel van dassenvellen.”
 
 
De dekkleden van de tabernakel
 
Laten we nu onze aandacht vestigen op de dekkleden van de tabernakel. De dekkleden van de tabernakel bestaat uit vier lagen. Toen God Mozes zei de Tabernakel te bouwen, gaf Hij hem gedetailleerde instructies. Op een unieke manier kon het eerste dekkleed slechts van binnen in de tabernakel gezien worden, terwijl het de panelen van de tabernakel en alle gebruiksvoorwerpen bedekte. Dit dekkleed was over de panelen van de Tabernakel gedrapeerd, het Heiligdom en het Allerheiligdom, helemaal tot op de grond. En het was gemaakt van blauwe, purpuren en scharlakenrode wol en getwijnd linnen en prachtige afbeeldingen van cherubijnen waren er ook in geweefd. 
Het eerste dekkleed was gemaakt van twee grote sets voorhangen die aan elkaar waren gemaakt, elke voorhang werd gemaakt door vijf kleinere aan elkaar te maken. Om deze twee grote voorhangen aan elkaar vast te maken, werden vijftig lussen van blauwe wol gemaakt op iedere zijde van de voorhangen. Gouden gespen werden aan deze lussen van blauw garen bevestigd, waardoor de twee setten van voorhangen in een groot dekkleed werd gemaakt. 
Het eerste dekkleed van de Tabernakel werd gemaakt van tien voorhangen, welke werden samengevoegd in twee setten van bredere voorhangen. De lengte was 28 ellen. Een el is ongeveer 45 cm en dus was de lengte ongeveer 12,5 m in de maten van tegenwoordig, terwijl de breedte van ieder gordijn vier ellen was 1,8 m. Vijf gordijnen werden eerst samengevoegd om twee sets voorhangen te maken en daarna werden deze sets aan elkaar bevestigd met vijftig lussen van blauwe garen en vijftig gouden gespen. Zo werd het eerste dekkleed van de Tabernakel voltooid. Maar er waren nog drie dekkleden. Het eerste dekkleed van de Tabernakel was gemaakt van geweven voorhangen met artistieke ontwerpen van cherubijnen met blauwe, purpuren en scharlakenrode wol en fijn getwijnd linnen. 
Dit was om ons de weg naar het Koninkrijk van de Hemel te wijzen. De blauwe wol die in het eerste dekkleed van de Tabernakel gebruikt werd, verwijst bijvoorbeeld naar het doopsel dat Jezus ontving van Johannes om de zonden van de wereld op zich te nemen. Door gedoopt te worden nam Jezus alle zonden van de wereld op zich (Mattheus 3:15). Omdat Jezus de zonden van de wereld op zijn eigen lichaam nam door Zijn doopsel, is dit doopsel nu het model voor de zaligheid geworden (1 Petrus 3:21).
Het tweede dekkleed van de Tabernakel was gemaakt van geitenhaar (Exodus 26:7). De lengte ervan was 90 cm langer dan dat van het eerste dekkleed. Met 30 ellen was de lengte 13,5 m en met 4 ellen was de breedte 1,8 m. Het dekkleed was gemaakt van elf voorhangen, die met elkaar verbonden waren in twee sets van voorhangen, een van vijf en de andere zes voorhangen. Deze twee sets werden aan elkaar vastgemaakt met bronzen gespen. 
Dit tweede dekkleed van de Tabernakel dat gemaakt was van geitenhaar, zegt ons dat Jezus ons heilig heeft gemaakt met de gerechtigheid van God. Onze Heer, die naar deze aarde kwam, werd gedoopt toen Hij 30 werd, van Johannes, uit Zijn eigen vrije wil en Hij accepteerde de zonden van de wereld op Zich. Hierdoor droeg de Heer de zonden van de wereld naar het Kruis, werd gekruisigd, wiste onze zonden voor eens en voor altijd uit en is daarmee onze Verlosser geworden. Het tweede dekkleed, het witte dekkleed van geitenhaar, vertelt ons daarom dat Jezus Christus die de zondebok werd, ons zondeloos heeft gemaakt met Zijn doopsel en bloed. 
Het derde dekkleed van de Tabernakel was gemaakt van ramsvellen die rood geverfd waren, wat ons vertelt dat Jezus onze zonden droeg door gedoopt te worden, ze naar het Kruis droeg, Zijn bloed vergoot en veroordeeld werd, en dat Hij ons daarbij van al onze zonden heeft verlost. 
Het vierde dekkleed van de Tabernakel was gemaakt van dassenhuiden. De betekenis van de dassenhuiden is dat Jezus Christus geen begeerlijk uiterlijk had. Maar hij was eigenlijk God Zelf. De dassenhuiden geven ons een beeld van Jezus Christus die Zichzelf heel erg verlaagde tot het niveau van de mensen om ons te verlossen van de zonden van de wereld. 
Laat ons nu deze vier dekkleden van de Tabernakel nauwkeuriger bekijken.
 
 
De geestelijke betekenis van het eerste dekkleed van de Tabernakel
 
De materialen die voor de eerste van de vier dekkleden van de tabernakel gebruikt werden, waren blauwe, purpuren en scharlakenrode wol en fijn getwijnd linnen. Het was op zo’n manier gemaakt dat de vier kleuren duidelijk zichtbaar zouden zijn van in de Tabernakel. Er waren ook artistieke ontwerpen van engelen in geweefd zodat zij van boven neer zouden kijken op de Tabernakel. De spirituele betekenis die ieder van deze vier draden had, was als volgt:
Het mysterie van de blauwe wol die getoond wordt in de materialen van het eerste dekkleed van de Tabernakel is dat de Messias, voor eens en voor altijd, alle zonden van de hele wereld heeft geaccepteerd door Zijn doopsel. Hij kwam naar deze aarde en werd gedoopt door Johannes de Doper, de vertegenwoordiger van de mensheid, droeg alle zonden van de wereld, net als het zondeoffer van het Oude Testament en accepteerde de ongerechtigheden van de zondaars die aan Hem werden doorgegeven door het opleggen van handen. En het vertelt ons ook van de waarheid dat Jezus alle zonden van de wereld heeft weggewassen door de veroordeling van deze zonden in een keer te dragen. 
De purpuren wol vertelt ons daarentegen dat Jezus Christus die naar deze aarde kwam, de Koning der koningen is en de absolute God Zelf voor ons. Het vertelt ons dat Jezus in wezen God is. De scharlakenrode wol die getoond wordt in de Tabernakel vertelt ons dat Jezus, die eens al onze zonden heeft geaccepteerd door het doopsel dat Hij van Johannes ontving, Zijn bloed aan het Kruis vergoot en daarbij indirect het offer en de veroordeling droeg voor onze zonden in onze plaats. 
Het doopsel van Jezus en Zijn dood aan het Kruis waren hetzelfde als het opofferingssysteem van het Oude Testament waar onbevlekte offers de ongerechtigheden van de zondaars accepteerden door het opleggen van handen en die ter dood bloedden om de veroordeling van deze zonden te dragen. Zo ook werd Jezus in het Nieuwe Testament gedoopt, ging naar het Kruis en vergoot Zijn bloed en stierf eraan.
De Bijbel verwijst naar Jezus Christus als het zondeoffer. De naam “Jezus” betekent “want Hij zal Zijn volk zalig maken van hun zonden” (Mattheus 1:21). En de naam in de “Christus” betekent “de gezalfde”. In het Oude Testament werden drie soorten mensen gezalfd; koningen, profeten en priesters. De naam “Jezus Christus” betekent daarom dat Hij de Verlosser, God Zelf is, de Hogepriester van het Koninkrijk van de Hemel en de Heer van de eeuwigdurende waarheid. Door naar deze aarde te komen, gedoopt te worden van Johannes en Zijn bloed te vergieten, werd Hij onze ware Verlosser. 
Zo openbaart het eerste dekkleed van de Tabernakel dat de Messias door de blauwe, purpuren en scharlakenrode wol en het fijn getwijnd linnen zou komen en daarmee iedereen die in Hem gelooft, van hun zonden en veroordeling zou redden. Deze diensten zijn niets minder dan het doopsel van Jezus en Zijn bloed aan het Kruis. Het mysterie van de zaligheid dat getoond wordt in dit vierkleurige eerste dekkleed is dat de Messias naar deze aarde kwam, de zonden van de mensheid op zich nam door gedoopt te worden, gekruisigd te worden tot de dood en van de dood te herrijzen. 
Met deze diensten heeft Jezus Christus degenen die in Hem geloven van hun zonden gered en hen God’s volk gemaakt. Jezus Christus is de Koning der koningen en het opofferingssysteem dat de ongerechtigheden van de zondaars heeft uitgewist, en Hij heeft degenen die geloven van al hun zonden en veroordeling gered.
 

De geestelijke betekenis van het tweede dekkleed van de de Tabernakel
 
De materialen die gebruikt zijn voor het tweede dekkleed van de Tabernakel waren geitenharen. Dit zegt ons dat de Messias die komen zou, de mensheid zou rechtvaardigen door hen te verlossen van hun zonden en de veroordeling voor deze zonden. Het toont ons dus dat het absoluut noodzakelijk is voor de menselijke wezens om in het evangelie van het water, het bloed en de Geest te geloven om de gerechtigheid van God te ontvangen. De gerechtigheid van God heeft ons hart zo rein als sneeuw gewassen, en het heeft ons daarbij in staat gesteld de verlossing van onze zonden te ontvangen.
 
 
De geestelijke betekenis van het derde dekkleed van de de Tabernakel
 
De materialen die gebruikt werden voor het derde dekkleed van de Tabernakel waren roodgeverfde rammsvellen. Dit toont dat de Messias naar deze aarde zou komen, de zonden van de wereld op zich zou nemen door gedoopt en gekruisigd te worden en daarbij het zondeoffer werd voor de zonden van Zijn volk. Het bloed dat Jezus Christus aan het Kruis vergoot, betaalde de lonen van de dood voor de zonden van de wereld. Met andere woorden, het zegt ons dat Jezus Christus het zondeoffer werd en dat Hij daarbij Zijn volk heeft gered van hun zonden (Leviticus 16). 
Op de Grote Verzoendag werden twee offerbokken voorbereid om alle zonden van het volk van Israël op zich te nemen. Een van hen was het verzoenoffer dat aan God gegeven werd voor hun zonden. Op dat moment legde de Hogepriester zijn handen op het hoofd van deze eerste offerbok en gaf alle zonden van Zijn volk in een keer eraan door. Daarna nam hij het bloed, sprenkelde het aan de oostzijde van de genadezetel en sprenkelde het zeven keer voor de genadezetel. Zo werd het verzoenoffer van het volk van Israël aan God gegeven. 
Vervolgens legde de Hogepriester zijn handen op de andere bok voor de getuigende Israëlieten die zich rond de Tabernakel hadden verzameld, en gaf alle zonden van een jaar van de Israëlieten eraan door. Hiermee kreeg het hele volk van Israël de overtuiging dat al hun zonden van het afgelopen jaar aldus waren weggenomen door het opleggen van handen van de Hogepriester. Deze zondebok werd vervolgens de woestijn ingestuurd om te sterven, terwijl het al hun zonden droeg (Leviticus 16:21-22). Dit was de belofte van God dat de Messias naar deze aarde zou komen, de zonden van de wereld op zich zou nemen door gedoopt te worden van Johannes de Doper, de vertegenwoordiger van de mensheid (Mattheus 11:11-13, 3:13-17), de veroordeling voor deze zonden zou dragen door vrijwillig gekruisigd te worden en daarmee Zijn volk van al hun zonden te verlossen.
 
 
De geestelijke betekenis van het vierde dekkleed van de de Tabernakel
 
Dassenhuiden tonen ons eigen beeld, evenals het beeld van de Heer toen Hij naar deze aarde kwam. Onze Heer kwam naar deze aarde in de gedaante van een mens om de zondaars te bezoeken en ze rechtvaardig te maken. Dassenhuiden vertellen ons ook dat Jezus Christus zichzelf niet verhief toen Hij naar deze aarde kwam, maar dat Hij zich eerder verlaagde als een man van een bescheiden achtergrond. 
In de tijd van het Oude Testament zei God door Zijn profeten, dat de Messias zou komen en de zondaars van deze aarde zou verlossen van hun ongerechtigheden. We kunnen zien dat God het Woord van de profetie heeft gesproken door Zijn dienaren met het doopsel van Jezus Christus en Zijn bloed aan het Kruis. Deze belofte van de profetie is het Woord van het verbond dat de Messias niet alleen de zonden van het volk van Israël zou dragen, maar ook alle zonden en veroordeling van iedereen in deze wereld en dat Hij al Zijn gelovigen zou redden en hen Zijn eigen volk zou maken. 
Exodus 25 spreekt van de materialen die gebruikt zijn om de Tabernakel te bouwen. Deze materialen van de Tabernakel omvatten blauwe, purpuren en scharlakenrode wol, fijn getwijnd linnen, geitenhaar, roodgeverfde ramsvellen, dassenhuiden, goud, zilver, brons, kruiden, olie en edelstenen. Al deze materialen tonen dat de Messias naar deze aarde zou komen en Zijn volk van hun zonden zou verlossen door Zijn doopsel en bloedvergieten. Als dusdanig is het diepgaande plan dat God heeft gemaakt om Zijn volk van hun zonden te verlossen, verborgen in de dekkleden van de Tabernakel. 
Waarom gebood God dat blauwe, purpuren en scharlakenrode wol gebruikt werd als de materialen van de dekkleden van de Tabernakel? En waarom gebood Hij geitenharen, ramsvellen en dassenhuiden te gebruiken? We moeten veel aandacht besteden aan het plan dat God maakte om ons van de zonden van de wereld te verlossen. We moeten in de diensten geloven die getoond worden in de blauwe, purpuren en scharlakenrode wol waarmee Jezus Zijn volk gered heeft van hun zonden, zoals ze zijn en we moeten daarbij gered zijn van onze zonden en God’s volk worden. We moeten met andere woorden het plan van God, dat getoond wordt in de dekkleden van de Tabernakel, kennen en erin geloven.
 
 
Door vier methodes
 
De vier dekkleden van de Tabernakel vertellen ons gedetailleerd over de manier waarop God ons van onze zonden heeft verlost: De Messias zou als mens naar deze aarde komen, alle zonden van de wereld op zich nemen met Zijn doopsel dat Hij van Johannes had ontvangen, gekruisigd worden als straf voor deze zonden en de zonden van Zijn volk verlossen en hen redden van hun zonden met Zijn eigen bloed. Deze zaligheid werd echter slechts vervuld voor degenen die in de Messias geloven als hun Verlosser. We moeten allen geloven dat Jezus Christus inderdaad kwam door Zijn doopsel en het Kruis en dat Hij ons daarmee voor eens en voor altijd van al onze zonden heeft gered zoals getoond wordt in de materialen van de dekkleden van de Tabernakel. 
Volgens de profetieën van de blauwe, purpuren en scharlakenrode wol die getoond wordt in de dekkleden van de Tabernakel, kwam de Zoon van God naar ons als het zondeoffer van de tijd van het Nieuwe Testament, werd gedoopt en vergoot Zijn bloed terwijl Hij gekruisigd was aan het Kruis. Bovendien kunnen we God het geloofsoffer geven dat ons redt door in de Messias te geloven die geopenbaard wordt in de dekkleden van de Tabernakel. 
Als dusdanig moeten we in de waarheid geloven die getoond wordt in de blauwe, purpuren en scharlakenrode wol. Als iemand niet voor God verschijnt en niet het geloofsoffer geeft door in de diensten van Jezus te geloven die getoond worden in de blauwe, purpuren en dieprode wol, zal hij/zij zeker vernietigd worden voor zijn/haar eigen zonden. Maar als iemand in deze waarheid gelooft, dan kan hij/zij ten alle tijden voor God verschijnen als Zijn kind door zijn/haar geloof. De Tabernakel toont ons dat niemand die niet in Jezus Christus, die het zondeoffer werd wat getoond was in de blauwe, purpuren en scharlakenrode wol, ooit het Koninkrijk van God binnen kan.
De dekkleden van de Tabernakel toont ons dus de weg naar de Hemel. We moeten de weg vinden om het Koninkrijk van de Hemel binnen te gaan door in de waarheid te geloven die geopenbaard wordt in de blauwe, purpuren en scharlakenrode wol. Iedereen die het Koninkrijk van God wilt binnengaan, moet eerst zijn/haar probleem van de zonden oplossen door in de waarheid van de verlossing van de zonden te geloven dat geopenbaard wordt in de blauwe, purpuren en scharlakenrode wol. Als dusdanig is het een keuze die de mensen moeten maken of ze God’s Kerk willen binnengaan door in deze waarheid te geloven, of dat ze door God afgewezen worden omdat ze niet geloven. 
Natuurlijk is ons geweten vrij om in de waarheid van de zaligheid die geopenbaard wordt in de dekkleden van de Tabernakel, te geloven of niet. Maar u moet ook erkennen dat het gevolg wanneer men niet in deze waarheid gelooft, te rampzalig zal zijn voor iemand. We moeten echter voor altijd gered worden van onze zonden door in het doopsel te geloven dat de Messias van Johannes ontving en het bloed aan het Kruis om het schitterende Huis van God binnen te kunnen volgens Zijn wil. We moeten allen in ons hart accepteren en geloven dat dit doopsel van de Messias en Zijn bloed aan het Kruis al hun zonden heeft verlost. Slechts wanneer zij zo geloven, kunnen ze de eeuwigdurende verlossing van de zonde ontvangen en de heerlijkheid van God binnengaan.
Het eerste dekkleed van de Tabernakel was geweven van vier verschillende kleuren wol en het was onder het tweede dekkleed van geitenhaar gelegd. Dit toont ons dat het feit dat we in staat waren de verlossing van de zonden te ontvangen, gebaseerd is op de diensten van Jezus. Zijn doopsel en Zijn eigen bloed. Als dusdanig is de verlossing van de zonden die we hebben ontvangen door in de gerechtigheid van God te geloven, gebaseerd op ons geloof in de blauwe, purpuren en scharlakenrode wol en het fijn getwijnde linnen dat getoond wordt in het eerste dekkleed. Om te zien hoe zeker dit feit is, bekijken we het onderstaande Woord van de Bijbel.
Jesaja 53:6 verklaart: “doch de HEERE heeft onzer aller ongerechtigheid op Hem doen aanlopen.” Hebreeën 9:28 verklaart “Alzo ook Christus, eenmaal geofferd zijnde, om veler zonden weg te nemen” en 2 Corinthiërs 5:21 verklaart: “Want Dien, Die geen zonde gekend heeft, heeft Hij zonde voor ons gemaakt, opdat wij zouden worden rechtvaardigheid Gods in Hem.” Al deze passages vertellen ons daarom dat onze zaligheid vervuld is op basis van de diensten van zaligheid van Jezus die getoond worden in het fijne linnen en de blauwe, purpuren en scharlakenrode wol die gebruikt worden voor het eerste dekkleed van de Tabernakel. Dat Christus zelf op de boom werd gehangen en indirect de veroordeling droeg voor onze zonden op Zijn eigen lichaam, werd mogelijk gemaakt door het feit dat Hij eerst onze zonden op zich heeft genomen door gedoopt te worden van Johannes en Hij droeg de zonden van de wereld niet alleen aan het Kruis.
Jezus had geen angst toen Hij alle zonden van de wereld op Zich nam door gedoopt te worden en daarmee het dodelijke leed aan het Kruis verdroeg om voor deze zonden te verzoenen. Integendeel, Hij was blij! Waarom? Omdat dat het moment was voor Hem “om alle gerechtigheid te vervullen” (Mattheus 3:15). Om ons van onze zonden te verlossen, werd Jezus gedoopt en vergoot Hij Zijn bloed aan het Kruis. Hij deed dit omdat Hij van ons hield. Daarom kwam Hij naar deze aarde, werd gedoopt van Johannes en dronk vrijwillig zijn offerkop. Omdat de Heer onze zonden en ongerechtigheden op zich nam door Zijn doopsel, kon Hij Zijn bloed op Golgotha vergieten en indirect de veroordeling van onze eigen zonden dragen. 
 
 
De gespen die het eerste dekkleed van de Tabernakel verbond, waren van goud gemaakt
 
Het eerste dekkleed van de Tabernakel was gemaakt van twee sets van vijf gordijnen, die verbonden waren met gouden gespen. Dit toont ons feitelijk dat we alleen het Koninkrijk van de Hemel binnen kunnen als we in de waarheid van de verlossing van de zonden geloven die getoond wordt in de blauwe, purpuren en scharlakenrode wol. Dat de twee sets van vijf gordijnen met elkaar verbonden waren door vijftig gouden gespen, toont ons dat we gered kunnen worden van al onze zonden als we een grondig geloof in Zijn zaligheid hebben. Het goud in de Bijbel duidt het ware geloof aan dat gelooft in het Woord van God. 
Als dusdanig moet iedereen zeker in het hele Woord van God geloven. Het is vooral belangrijk voor ons om het geloof in de waarheid te hebben die getoond wordt in de blauwe wol. Jezus’ kruisiging heeft op zich geen invloed op onze zaligheid. Waarom? Omdat er een proces van Jezus’ doopsel voor Zijn kruisiging moest zijn waarmee zondaars hun zonden aan Jezus Christus konden doorgeven. Het Kruis is slechts effectief voor onze zaligheid als we geloven dat God de Vader, Jezus Christus de zonden van de wereld liet accepteren door gedoopt te worden.
 
 
Wat vertelt het Fijn getwijnd linnen ons in de Tabernakel?
 
Het vertelt ons dat God onder ons heeft gewerkt volgens Zijn gedetailleerde Woord van de waarheid. De Messias kwam werkelijk naar deze aarde en droeg onze zonden en veroordeling door het doopsel dat Hij ontving van Johannes en het bloed aan het Kruis. En het vertelt ons dat Zijn zaligheid reeds vervuld is zoals Hij beloofd heeft in Zijn Woord. 
In de tijd van het Nieuwe Testament kwam onze Heer feitelijk naar deze aarde, nam onze zonden op zich door gedoopt te worden van Johannes, bloedde dood, droeg alle veroordeling van onze zonden en heeft daarmee de hele belofte van de zaligheid gehouden. Door van Johannes gedoopt en gekruisigd te worden, volbracht en vervulde onze Heer de wil van God de Vader. Het verbond dat God met Zijn volk van Israël maakte, werd helemaal vervuld door Zijn Zoon Jezus.
Wie moet dan eigenlijk aandacht besteden aan deze waarheid? Is het alleen het volk van Israël? Of zijn het u en ik?
Het feit dat het eerste dekkleed van de Tabernakel verbonden was met vijftig gouden gespen, verlangt het echte geloof van ons. Het toont ons dat we het Koninkrijk van God slechts binnenkunnen als we weten en geloven dat Jezus al onze zonden heeft weggewassen door Zijn diensten die getoond worden in de blauwe, purpuren en scharlakenrode wol en het fijn getwijnd linnen dat gebruikt werd voor het eerste dekkleed van de Tabernakel. 
Met andere woorden, het toont ons dat de verlossing van de zonden slechts ontvangen wordt door in het Woord van de waarheid te geloven. Door het Woord van de Oude en Nieuwe Testamenten, toont God ons eigenlijk gedetailleerd dat we onze echte zaligheid slechts kunnen ontvangen door te geloven dat het doopsel en het bloed van het Kruis dat getoond wordt in de dekkleden van de Tabernakel ons van al onze zonden heeft gered.
God heeft ons inderdaad gewassen laten worden van al onze zonden en ons zo rein als sneeuw laten worden door in de waarheid te geloven die getoond wordt in de blauwe, purpuren en scharlakenrode wol en het fijn getwijnde linnen dat gebruikt werd voor het eerste dekkleed van de Tabernakel. En God heeft degenen die dit geloof hebben, toegestaan Zijn Koninkrijk binnen te gaan. We moeten over de dekkleden van de Tabernakel weten en erin geloven. Door in Jezus Christus te geloven die naar ons is gekomen door de diensten van de blauwe, purpuren en scharlakenrode wol, kunnen we werkelijk de kwalificatie krijgen God’s kinderen te worden en de heerlijkheid ontvangen om Zijn Koninkrijk binnen te gaan.
Als de Messias ons van al onze zonden heeft gered door Zijn werken die getoond worden in de blauwe, purpuren en de scharlakenrode wol, hoe kunnen we dan niet in God’s grondige en wijde liefde van de zaligheid geloven en dit verwerpen? Hoe kunnen we de verlossing van onze zonden en het Koninkrijk van de Hemel, wat slechts door geloof verkregen kan worden, verwerpen? We moeten allen geloven in Jezus Christus als onze eigen Verlosser die ons van de zonden van de wereld gered heeft door gedoopt te worden en Zijn bloed aan het Kruis te vergieten. Slechts dan kunnen we het volk van God worden.
Zij die niet in de waarheid van de blauwe, purpuren en scharlakenrode wol geloven dat getoond wordt in het eerste dekkleed van de Tabernakel, kunnen niet echt gereinigd worden van hun zonden door geloof. Degenen die niet in deze waarheid geloven, kunnen niet God’s kinderen worden. Daarom moeten we in de waarheid van de zaligheid geloven die geopenbaard wordt in de blauwe, purpuren en de scharlakenrode wol die gebruikt wordt voor de dekkleden van de Tabernakel en we moeten daarbij het eeuwige leven ontvangen. 
 
 
Het dekkleed van geitenhaar was groter dan het eerste dekkleed van de Tabernakel
 
Het tweede dekkleed van geitenhaar, was groter dan het eerste dekkleed van de Tabernakel. Dit betekent dat degenen die zich tegen God verzetten, niet eens een deel van de waarheid kunnen zien dat geopenbaard wordt in het eerste dekkleed van de Tabernakel. Het was eigenlijk nodig om het mysterie van de verlossing van de zonden die geopenbaard wordt in de blauwe, purpuren en scharlakenrode wol van het eerste dekkleed van de Tabernakel, te verbergen. Dit werd gedaan omdat God bepaald heeft dat slechts degenen die Hem eren en vrezen, Zijn Koninkrijk kunnen binnengaan door in de diensten van Jezus te geloven die getoond worden in de blauwe, purpuren en scharlakenrode wol. 
Daarom plaatste God ook een cherubijn op het oosten van de hof van Eden en een vlammend zwaard dat ieder richting uitdraaide, om de weg naar de levensboom te bewaken, nadat Hij de mens die in de zonde vervallen was, hieruit verdreven had (Genesis 3:24). De waarheid die ons in staat stelt het Koninkrijk van de Hemel binnen te gaan, mag niet iedereen zien zonder dat hij/zij eerst in God gelooft. Daarom maakte God het tweede dekkleed met geitenhaar iets groter dan het eerste dekkleed van de Tabernakel.
Het tweede dekkleed van de Tabernakel toont ons dat we slechts de rechtvaardigen kunnen worden als we de verlossing van de zonden ontvangen die getoond wordt in het eerste dekkleed. Anders gezegd, God laat alleen de mensen die met angst en eerbied in Zijn Woord geloven, en die daarbij het evangelie van de waarheid houden, Zijn volk te worden. Omdat God het zo bepaald heeft, staat Hij niet zomaar iedereen toe Zijn kind te worden zonder dat hij/zij eerst in de blauwe, purpuren en scharlakenrode waarheid van de verlossing van de zonden geloofd die door Hem bepaald zijn. De wil van God is dat degenen wiens hart slecht is, nooit een heel klein beetje van het mysterie van de blauwe, purpuren en scharlakenrode wol kunnen beseffen. 
 
 
Het tweede dekkleed van de Tabernakel was gemaakt van geitenhaar, en de gespen waren gemaakt van brons
 
De geestelijke betekenis van de bronzen gespen geven het oordeel van de zonden van de mensen aan. De bronzen gespen vertellen ons dat alle zonden de betaling van hun gerechte loon vereisen. Als dusdanig bevatten de bronzen gespen de waarheid dat de Messias Zijn bloed aan het Kruis moest vergieten omdat Hij naar deze aarde was gekomen en de zonden van de wereld voor eens en voor altijd op zich had genomen door gedoopt te worden. Omdat de Messias eerst onze zonden van de wereld op zich moest nemen door het doopsel dat Hij ontving van Johannes, kon Hij de veroordeling van deze zonden van de wereld met het bloed dat Hij vergoot aan het Kruis dragen.
Van de bronzen gespen kunnen we God’s wet ontdekken welke ons vertelt dat de loon van de zonden de dood is (Romeinen 6:23). We moeten daarom erkennen dat God het oordeel van onze zonden door de Messias heeft vervuld. Omdat Jezus Christus gedoopt was door Johannes en dood bloedde aan het Kruis, werd het oordeel van alle zonden van de mensheid helemaal voltooid. 
Als we voor God gaan, moeten u en ik in ons geweten nadenken over wat de waarheid is. We leven in deze wereld terwijl we iedere dag zonden begaan met ons hart, gedachten en handelingen. Desalniettemin accepteerde de Messias ook al deze dagelijkse zonden die we iedere dag begaan, betaalde de loon van deze zonden met de prijs van Zijn eigen leven en heeft daarmee onze zaligheid voor ons vervuld. Ons geweten is verdoemd voor God te verwelken en te sterven als we geen geloof hebben in Zijn waarheid. We moeten daarom nu allen in deze waarheid geloven zodat onze stervende ziel gered kan worden en weer kan leven.
Wilt ons hart in de waarheid geloven dat getoond wordt in deze bronzen gespen? De waarheid die de bronzen gespen vertellen, is dat alhoewel wij het niet kunnen vermijden voor onze zonden veroordeeld te worden, de Messias onze zonden op zich nam door gedoopt te worden en dat Hij indirect veroordeeld werd voor al deze zonden namens ons. Jezus droeg werkelijk alle veroordeling voor de zonden in een keer voor al onze zonden met Zijn doopsel en het bloed aan het Kruis. Hiermee heeft Jezus Christus ons het geloof gegeven en ons het Koninkrijk van God laten binnengaan. 
Als iemand zonden in zijn/haar hart heeft voor God, dan moet hij/zij in de hel gegooid worden. Alles wat we verdienen te ontvangen vanwege onze zonden, is de eeuwige dood. Maar de Messias werd de offergave van de indirecte opoffering voor onze zonden en Hij heeft ons daarbij gered van al onze veroordeling. We zouden eigenlijk gestraft moeten worden tot de hel voor onze zonden, en toch kunnen we nu het Koninkrijk van God binnen door te geloven dat de Messias indirect gestraft werd in onze plaats.
Door met ons hart in deze waarheid te geloven, moeten we nu van onze zonden van de wereld verlost worden en ontsnappen aan de veroordeling van onze zonden. Door deze werken van de zaligheid te doen, heeft de Messias de zonden van de wereld op zich genomen door gedoopt te worden van Johannes en Hij werd voor deze zonden van de wereld gekruisigd. Door deze waarheid te kennen en erin te geloven, moeten we niet alleen de verlossing van de zonden ontvangen, maar we moeten ook verlost zijn van de veroordeling van de zonden. 
We moeten geloven dat de Messias slechts onze zonden op Zich kon accepteren en de veroordeling van deze zonden dragen door naar deze aarde te komen, en eerst Zijn doopsel te ontvangen in de vorm van het opleggen van handen. Als de Messias al onze zonden van de wereld op zich nam door het doopsel dat Hij ontving van Johannes, en als Hij gekruisigd werd om de lonen van deze zonden te accepteren, dan moeten we dat ook geloven. God geeft nieuw leven aan degenen die aldus geloven.
Omdat we verdoemd waren om naar de hel te gaan voor onze zonden, accepteerde de Messias onze zonden en stierf voor ons in de plaats, waarbij Hij de veroordeling voor onze eigen zonden droeg. Voor ons die zouden moeten sterven van de veroordeling van onze zonden, heeft onze Heer in plaats ervan deze veroordeling gedragen. Als de Heer ter dood gekruisigd was om ons van het oordeel van onze zonden te redden, moeten we dat geloven. 
We moeten de zaligheid van de Heer in onze ziel accepteren, diep in ons hart en niet door onze vleselijke wilskracht maar door ons geestelijke geloof in Zijn Woord. Iedereen die nu dit bericht heeft gehoord, moet met zijn hart in deze waarheid geloven. Omdat de Messias ons met Zijn doopsel en bloedvergieten heeft gered, kunnen degenen die geloven inderdaad gered worden. 
Wanneer mensen niet geloven dat zij verdoemd zijn tot de hel, zien ze niet dat ze gered moeten worden door in de Messias te geloven die door de blauwe, purpuren en scharlakenrode wol kwam. Maar als de mensen geloven dat ze inderdaad verdoemd zijn tot de hel, dan zullen ze duidelijk zien dat ze gered moeten worden door in deze Messias te geloven die door de blauwe, purpuren en scharlakenrode wol kwam. Daarom zei Jezus, “Die gezond zijn, hebben den medicijnmeester niet van node, maar die ziek zijn. Ik ben niet gekomen, om te roepen rechtvaardigen, maar zondaars tot bekering” (Markus 2:17). Als zij dus met hun hart in deze waarheid geloven, dan zullen ze de verlossing van de zonden in hun hart ontvangen.
Als we naar onszelf kijken volgens de Wet voor God, dan zouden we niet kunnen ontkennen dat we uiterst zondig zijn en dat we voor altijd voor onze zonden vervloekt zouden zijn. Niet alleen moeten we tot onszelf toegeven dat we verdoemd zijn tot de hel vanwege onze zonden, maar we moeten ook deze veroordeling oprecht willen vermijden zodat we al onze zonden kunnen wegwassen door in deze boodschap te geloven. Dit is de enigste manier van leven om het gerechte oordeel van al onze zonden door geloof te dragen.
Zonder ons geloof in de diensten van Jezus die getoond worden in de blauwe, purpuren en scharlakenrode wol die gebruikt waren voor het eerste dekkleed van de Tabernakel, zouden we nu zeker de hel aanschouwen. Het doopsel dat de Messias ontving en het bloed dat Hij aan het Kruis vergoot, zijn nauw verbonden met de zaligheid van onze ziel.
Omdat we zijn geboren als de nakomelingen van Adam en omdat we daarom zondig zijn, zijn we verdoemd tot de hel. We moeten daarom voor God toegeven dat we allen zondaars zijn die direct naar de hel zullen gaan, maar geeft u dit toe? Als God naar ons kijkt, dan ziet Hij dat we verdoemd waren tot de hel en wanneer wij naar onszelf kijken voor God, dan zien we ook dat we verdoemd waren tot de hel. Omdat wij verdoemd waren tot de hel, kwam onze Verlosser naar deze aarde en heeft ons van onze zonden gered. 
Door te komen, gedoopt te worden, Zijn bloed te vergieten en te sterven, heeft onze Heer Zijn werken vervuld om ons te verlossen. Als we niet werkelijk verdoemd waren tot de hel, dan zou de Heer deze werken van de zaligheid niet hebben hoeven doen. Maar we waren duidelijk allen zondig ook al hebben wij, de wedergeborenen nu geen zonden in ons hart.
Iedereen die zondig is, moet zeker naar de hel gaan. De loon van de zonden is de dood. Dit betekent dat zondaars zeker naar de hel verjaagd worden. Maar degenen die door geloof de gave van de verlossing van de zonden hebben ontvangen die gegeven is door onze Heer Jezus Christus, verkrijgen het eeuwige leven. Als wij in Jezus de Messias als onze Verlosser geloven, redt de Heer ons van al onze zonden en veroordeling met Zijn liefde voor ons. Amen! Halleluja!
 
 
We moeten onszelf onderzoeken en zien of we het ware geloof in ons hart hebben dat gegeven is door de Heer.
 
Laat ons eens naar onszelf kijken. Hebben u en ik volgens de wet van God’s Woord geloofd? Zo ja, wat zou er dan met ons zijn gebeurd voor God? Zouden we niet voor God veroordeeld worden voor onze zonden? Onze God is niet een ongerechte God die de zondigen niet straft. Omdat God heilig en gerecht is, tolereert Hij de zondigen niet. God heeft ons gezegd dat Hij zeker degenen die zondig zijn voor Hem door niet te geloven in de hel zal werpen. 
Hij heeft ons verteld dat Hij ze in de vreselijke hel zal gooien die brandt met vuur en zwavel, waar zelfs de wormen niet zullen sterven. God zal iedereen die zijn zonden uit zijn eigen probeert weg te wassen en die zijn hart zelf probeert te troosten, in de hel gooien. Daarom zei de Heer tegen zulke mensen “Al deze boze dingen komen voort van binnen, en ontreinigen den mens” (Mattheus 7:23).
Als dusdanig moeten we in de Messias geloven en we moeten geloven in het doopsel dat Hij ontving toen Hij naar deze aarde kwam, in het bloed van het Kruis en in Zijn herrijzenis van de dood. Waarom? Omdat we in wezen allen zondig waren voor God en verdoemd waren om naar de hel te gaan. Daarom kwam de Messias van de blauwe, purpuren en scharlakenrode wol, gaf het zondeoffer van de zaligheid met Zijn eigen lichaam en heeft daarmee al onze zonden uitgewist. We moeten daarom geloven dat de Heer gedoopt was en alles opofferde voor ons. Als we niet kunnen beseffen dat we allen verdoemd zijn tot de hel, dan hebben we niets met de Heer te maken. 
Zoveel mensen denken echter niet van zichzelf dat ze verdoemd zijn tot de hel voor hun zonden. Zij denken dat ze te goed zijn om hun dokters te consulteren. Zulke mensen zijn degenen die Jezus beschouwen als een lieve en beleefde mens, een mens met respect en een leraar en het zijn ook degenen die in Jezus geloven terwijl ze net doen alsof ze mensen met karakter zijn. Onze Heer zei tegen zulke mensen “Die gezond zijn hebben den medicijnmeester niet van node, maar die ziek zijn” (Mattheus 9:12). Zij moeten hun grondig onderzoeken vanuit een bijbels standpunt, om niet in de hel te eindigen.
De reden waarom we in de Messias geloven, is om van onze zonden verlost te zijn door in Hem als onze Verlosser te geloven. We geloven niet in de Messias om onze eigen deugd op te bouwen. Het is eerder absoluut noodzakelijk vanwege onze zonden om in de Messias te geloven. Daarom geloof ik. Dat Jezus de Messias op deze aarde geboren was, door Johannes gedoopt werd toen Hij 30 was, de zonden van de wereld droeg en Zijn bloed met Zijn kruisiging vergoot, na drie dagen van de dood herrees; naar de Hemel opsteeg en nu aan de rechterkant van God de Vader zit, al deze dingen dragen getuigenis van onze verlossing van de zonden. Omdat al deze dingen de werken van de Verlosser zijn die ons van onze zonden verlost heeft, moeten we zeker in al deze dingen geloven en geen ding weglaten.
In onze eigen gedachten lijkt het misschien in orde om de dekkleden van de Tabernakel met gewone dikke wol te weven, maar in de Bijbel gaf God uitdrukkelijk de gedetailleerde specificaties van hoe het gemaakt moest worden, hoe sommige gespen van goud gemaakt moesten worden en sommigen van brons. Waarom denkt u dat God dat gebood? Hij gebood het zo omdat al deze dingen bedoeld waren om hun spirituele betekenis te openbaren aan ons. Daarom kunnen we geen ervan over het hoofd zien. 
 
 
We moeten zeker geloven in het Doopsel en Bloed van Jezus Christus die de Messias is geworden
 
Vanwege onze zonden moesten we naar de hel verbannen worden, maar Jezus Christus, de Messias kwam naar deze aarde en heeft ons van onze zonden gered. Jezus was werkelijk gedoopt, gekruisigd en vergoot Zijn bloed. En als dusdanig is het wetteloos voor ons om gewoon te zeggen dat we zondeloos zijn zonder eerst met ons hart in het doopsel van Jezus en het bloed dat Hij vergoot aan het Kruis te geloven. Jezus, die de Messias is geworden, kwam inderdaad naar deze aarde om ons te redden, accepteerde werkelijk de zonden van de mensheid op Zijn eigen lichaam door Zijn doopsel, droeg onze straf en stierf, herrees van de dood en is daarmee onze ware en eeuwige Verlosser geworden. Jezus heeft ons op deze manier gered omdat we alleen zo verlost kunnen worden van al onze zonden door in deze Jezus te geloven. 
Om de werken van de zaligheid te voltooien, moest de Messias gedoopt worden van Johannes de Doper en dan aan het Kruis sterven. Dit betekent dat we vanaf het begin verdoemd zouden worden voor onze zonden. Maar nu hoeven we in feite niet langer deze veroordeling te dragen. Waarom? Omdat de Messias die zondeloos was en daarom niet veroordeeld hoefde te worden, werkelijk onze zonden op Zich accepteerde, en Hij werd indirect veroordeeld voor al onze zonden. Door daarom met uw hele hart te geloven in Jezus’ doopsel en Zijn bloed aan het Kruis, kunnen we verlost worden van alle veroordeling van onze zonden.
We zien wel eens “Jezus loves you!” stickers op de achterruit van veel auto’s. Is dat alles wat u van Jezus moet weten? De zaligheid van onze Heer was niet iets dat slechts door zulke woorden was gemaakt. Hij wilt je laten weten, “Ik hou zo veel van je. Daarom heb ik je zonden vergeven. Geloof gewoon in me en ik zal je Mijn kinderen maken.” De Messias was werkelijk gedoopt en gekruisigd en Hij vergoot Zijn bloed en stierf, alles om ons van onze zonden te verlossen. De Heer heeft ons inderdaad gered en verlost van het oordeel dat ons te wachten staat.
De Heer werd onze dokter die de ziekte van onze zonden heelt. Door naar deze aarde te komen, heeft Hij werkelijk onze zonden op Zijn lichaam geaccepteerd door gedoopt te worden, werd gekruisigd en bloedde ter dood, herrees inderdaad van de dood en heeft ons daarmee gered. Wanneer we zeker tot de hel verdoemd waren voor onze zonden, dan heeft de Heer ons reeds geheeld van de ziekte van al onze zonden. We moeten geheeld zijn van onze zonden door het juiste geloof.
Als mensen niet in de hel gegooid zouden worden ook al waren ze zondig, dan zou er geen noodzaak zijn geweest voor de Messias om naar deze wereld te komen en Zijn bloed te vergieten. Maar de reden waarom mensen absoluut in Jezus moeten geloven, is omdat zij werkelijk de vreselijke ziekte van de zonden hebben die hen naar de hel leidt. De mensen die deze vreselijke ziekte hebben, kunnen het inderdaad niet vermijden in de hel gegooid te worden en daarom moeten ze ongetwijfeld geloven in het doopsel en het bloed van Jezus die de Messias werd.
Iedereen die zonden in zijn hart heeft, zal de straf van de hel zeker ontvangen, want als het op de wet van God aankomt, dan is de loon van de zonden voor iedereen de dood. Kortom, als iemand ook maar een beetje zonde in zijn/haar hart heeft, dan zal hij/zij in de hel gegooid worden. Daarom moest Jezus naar ons komen. Als we dus werkelijk in de Messias geloven die volmaakt al onze zonden heeft uitgewist, dan kunnen we van al onze zonden verlost worden. We moeten in Jezus als onze Verlosser geloven, en we moeten daarbij precies geloven volgens wat Hij voor ons heeft gedaan.
Jezus is inderdaad God zelf. Hij is de werkelijke Schepper. Maar Hij bepaalde Zijn goddelijke heerlijkheid en incarneerde werkelijk voor een tijdje in de gedaante van een mens, alles om ons, van wie Hij hield, te verlossen van de vreselijke straf van de zonde en vernietiging in de hel en vloeken. En Hij was werkelijk gedoopt, gekruisigd, herrezen en steeg daarna op naar de Hemel. Dit is de waarheid. We kunnen deze echte waarheid niet lichtjes nemen, alsof het slechts een grap was. Het is niet gewoon maar een optie voor u om in deze feitelijke waarheid te geloven. We moeten zeker met ons hart in deze echte waarheid geloven en we moeten het zeker weten.
Hadden de lammen en bokken die gebruikt werden als zondeoffer, zonden? Geen dier had zelfs ook maar enig idee van wat zonde was. Maar omdat deze dieren de zonden van het volk van Israël van het Oude Testament op zich hadden geaccepteerd door het opleggen van handen, moesten ze eigenlijk indirect voor ons gedood worden. Waarom? Omdat de loon van de zonden de dood is en dat is wat God heeft bepaald. Dus de offergave van de Grote Verzoendag die alle zonden van het volk van Israël had geaccepteerd, moest dus ook sterven. Dus het was voor dezelfde reden dat Jezus Christus moest sterven, want Hij droeg reeds alle zonden van de wereld door Zijn doopsel. 
Voor wie werden deze werken eigenlijk gedaan? Ze zijn eigenlijk gedaan voor u en mij. Is dit dan iets dat we wel of niet kunnen geloven? Mensen geloven niet omdat ze zich absoluut niet bewust zijn van de ernst van hun ziekte van de zonden. Maar als ze het feit geweten hadden dat ze in de hel gegooid zouden worden voor het kleinste beetje zonde, dan zouden ze niet in staat zijn de zaligheid van Jezus Christus de Messias als een optie te zien, iets dat ze zonder gevolgen wel of niet kunnen geloven. 
Als mensen zonden hebben, ook al is het zo klein als maar wat, dan zullen ze de hel in worden geworpen. Ze zullen vernietigd worden. Alles wat zij op deze aarde doen, zal eventueel eindigen met hun eeuwige vloek. Degenen die denken dat het in orde is om zonden te hebben, hallucineren. Het gevolg van de zonden is ongetwijfeld de dood. Er zijn natuurlijk nog steeds veel mensen die hun schijnbaar succesvolle levens leiden ook al hebben ze zonden in hun hart. Jongeren neigen ertoe beroemdheden te aanbidden, terwijl ze ervan dromen ze ooit eens te ontmoeten. Maar zal het schijnbaar schitterende leven van deze beroemdheden altijd voortduren? Velen van hen krijgen ellendige levens nadat hun 15 minuten roem voorbij zijn. 
Er zijn mensen waarbij alles verkeerd uitdraait. Voordat u de Heer ontmoette was het bij u misschien ook zo; dat nooit iets werkelijk zo ging als dat u zou willen. Als u een vervloekt leven zou leiden, waarin alles waarvan u dacht dat zeker zou zijn, nooit zou lukken en alles waarvan u dacht dat het goed zou gaan, uiteindelijk uit elkaar zou vallen. U heeft misschien grootse dromen gehad, maar er is niets van terechtgekomen en de droom werd kleiner en kleiner totdat het uiteindelijk helemaal verdween. Als u zich realiseert dat zelfs de kleinste van al uw dromen niet gerealiseerd kan worden, dan zullen uw dromen uiteindelijk in stukken vallen.
Waarom is dit het geval? Het komt door de zonden die in uw hart waren. Mensen die zonden in hun hart hebben, kunnen nooit gelukkig zijn. God zegent hen nooit, hoe hard ze ook hun best doen. Als er mensen zijn die succesvol lijken ondanks dat ze zondig zijn, moet u zich realiseren dat God hun verlaten heeft. U moet weten dat alhoewel hun huidige leven misschien succesvol is, God hen heeft opgegeven om hen in de hel te gooien. Als deze wereld gevuld was met alleen maar zondeloze mensen, dan zou de hel niet nodig zijn. Maar God heeft de hel werkelijk gemaakt en Hij heeft het gemaakt voor degenen die zonden in hun hart hebben.
God gebood het eerste dekkleed van de Tabernakel te maken van blauwe, purpuren en scharlakenrode wol om werkelijk de verlossing van de zonden aan ons hart te geven. En het openbaart ook dat in de tijd van het Nieuwe Testament, Jezus Christus de zonden van de wereld op zich zou nemen door gedoopt te worden van Johannes en dat Hij dan ter dood gekruisigd zou worden om de veroordeling van deze zonden te dragen. Onze Heer is inderdaad de Verlosser van de zondaars geworden. 
Daarom heeft Hij de verlossing van de zonden aan de zondaars gegeven door Zijn werken van de blauwe, purpuren en scharlakenrode wol. Realiseert u zich dit nu? Jezus Christus werd werkelijk gedoopt in de Jordaan om onze zonden op Zich te nemen en Hij werd gekruisigd en vergoot Zijn bloed om de loon van deze zonden te betalen. Hij werd gedoopt om onze zonden te dragen. Gelooft u dat Jezus aan het Kruis stierf omdat Hij eerst onze zonden op Zich had genomen door het doopsel dat Hij van Johannes ontving?
 
 
In ons vlees zijn u en ik als dassenhuiden geweest
 
Het vierde dekkleed was gemaakt van dassenhuiden. De das is de vertaalde naam van een zoogdier dat in het Oude Testament “Tachash” wordt genoemd in het Hebreeuws. Het werd vertaald als verschillende zoogdieren, bijvoorbeeld “zeekoe” (NIV), “zeehond” (ASV), “fijne geitehuid” (NLT) en “dolfijn” (NASB). We kunnen niet precies identificeren welk zoogdier het is. Bijbelse filologen beweren dat de oorsprong van dit woord “Tachash” waarschijnlijk een buitenlandse afkomst heeft. In ieder geval was het zoogdier “Tachash” het dier waarvan de huiden gebruikt werden om het vierde dekkleed van de Tabernakel te maken. En het is waarschijnlijk veilig om aan te nemen dat dit dekkleed niet mooi was en geen aantrekkelijke kwaliteiten bezat.
Dit vierde dekkleed van dassenhuiden geeft aan dat Jezus Christus naar deze aarde kwam in de gedaante van een mens. Bovendien was er niets aantrekkelijks aan Hem. De Bijbel beschrijft Zijn verschijning door te zeggen: “Want Hij is als een rijsje voor Zijn aangezicht opgeschoten, en als een wortel uit een dorre aarde; Hij had geen gedaante noch heerlijkheid; als wij Hem aanzagen, zo was er geen gestalte, dat wij Hem zouden begeerd hebben” (Jesaja 53:2). 
Dat de Zoon van God naar deze aarde kwam in de gedaante van een mens van nederige afkomst, was om ons allen te redden omdat wij slechts schaamtevolle levens kunnen leiden tot de dag waarop we sterven. Als God ons, de nakomelingen van Adam, ziet dan ziet Hij dat we allen even onaantrekkelijk zijn als dit dekkleed van huiden. Bovendien willen we slechts zondigen. Net als vieze dassen, zijn mensen slechts geïnteresseerd in het volstoppen van hun eigen buik, vanaf de geboorte tot hun eind. Dit is de werkelijke reden waarom Jezus in de gedaante van een mens kwam en waarom Hij lijden moest. 
Slechts degenen die werkelijk de ernst van hun zondige aard kennen, kunnen in de Messias geloven en gered worden van hun zonden en veroordeling. Als dusdanig zijn degenen die onwetend zijn over hun eigen zonden en degenen die de veroordeling van hun zonden niet kennen of er niet in geloven, niet gekwalificeerd om de verlossing van de zonden te ontvangen. God zegt ons dat zulke mensen niet beter zijn dan beesten (Psalmen 49:20).
Alhoewel we naar God’s beeld geschapen zijn, accepteert niet iedereen God’s liefde. Degenen die niet in God’s plan van de zaligheid geloven, kunnen niet de verlossing van de zonden in hun hart ontvangen en daarom zullen ze vernietigd worden als de beesten die omkomen. Omdat God een plan had voor de mensen, maakte Hij ze naar Zijn beeld.
Kijk eens aandachtiger naar wat iedereen doet of denkt. Ik verwijs niet naar u in het bijzonder, maar ik verwijs naar de hele mensheid. De meeste mensen kennen hun eigen Schepper die hun gemaakt heeft niet eens. Bovendien beweren veel van hun dat ze geen zonden begaan en dat zij beter zijn dan de rest. Hoe stompzinning en dwaas zijn de mensen? Degenen die God niet kennen, zijn vol arrogantie. Als we onszelf vergelijken met een ander, welk verschil kunnen we dan werkelijk vinden? Hoeveel beter of slechter zijn we werkelijk? En toch doen de mensen nog steeds anderen pijn alleen maar door hun eigen egoïstische interessen na te streven - hoe verkeerd is dat wel niet?
We kunnen ons niet eens inbeelden hoeveel zonden iedereen begaat tegenover God in een leven. Ik zeg dit niet zomaar om het karakter van de mens te verachten, maar ik wijs alleen op het feit dat alhoewel God de mens heeft gecreerd om waardevol te zijn, de meeste van ons zich nog steeds niet realiseren dat ze werkelijk vernietigd worden voor hun zonden. Mensen weten niet hoe ze voor hun ziel moeten zorgen, zij kunnen hun toekomst niet voor zichzelf voorbereiden; zij herkennen het Woord van God niet; en zij willen niet in Hem geloven ook al hebben ze geen andere keuze om hun eeuwige vernietiging te vermijden. Niemand anders dan deze mensen, zijn degenen die niet beter zijn dan de beesten die omkomen. 
 
 
Maar God zorgde ervoor dat we niet vernietigd werden
 
Om ons van onze zonden te redden, kwam Jezus feitelijk naar deze aarde en wiste al onze zonden uit. Hij werd gedoopt, vergoot Zijn bloed aan het Kruis en herrees van de dood. De Heer is daarmee onze ware Verlosser geworden. We moeten in deze waarheid geloven. Gelooft u? Zegt u niet toevallig door onwetendheid of gebrek aan bijbelse kennis “Wat maakt het uit? Als we op de een of andere manier in Jezus geloven, dan zullen we allen naar de Hemel gaan”? En er zijn mensen die ook zeggen, “Als we gewoon in het bloed van het Kruis geloven, dan is de Hemel van ons.” Maar is dit soort geloof echt goed?
God is in feite de God van de waarheid. Hij is de Ene die tot ons spreekt over Zijn plan, die de werken van de zaligheid precies volgens Zijn Woord vervulde en die ons de verlossing van de zonden heeft gegeven en ons ontmoet door deze waarheid. God leeft. God is zelfs nu hier, bij iedereen van ons. Mensen die zonden in hun hart hebben, moeten niet proberen God te bedriegen. Als mensen zonden in hun hart hebben en hun geweten vreet hun op, dan moeten ze dit probleem oplossen door in het doopsel te geloven dat Hij ontving en in het bloed dat Hij vergoot. De zondigen moeten in de waarheid geloven dat de Heer hun gered heeft van al hun zonden door Zijn doopsel en Zijn bloed aan het Kruis omdat zij verdoemd zijn tot de hel. 
Er is absoluut niemand die het probleem van hun zonden niet kan oplossen door in het water en het bloed te geloven. Maar zelfs als onze Heer ons gered heeft door het water, het bloed en de Geest (1 Johannes 5:6-8), zijn we volledig verantwoordelijk voor de uitkomst als we van onze kant dit feit niet erkennen en er niet in geloven en daarom vernietigd worden. We moeten allen voor God belijden, “Ik ben verdoemd naar de hel te gaan want ik ben zondig. Maar ik geloof in het evangelie van het water, het bloed en de Geest.” We moeten zulk geloof hebben. We moeten met ons hart geloven dat de Heer ons van al onze zonden gered heeft door het water, het bloed en de Geest. Met ons oprechte hart en geloof moeten we ons verenigen met de waarheid die getoond wordt in het evangelie van het water en de Geest. Slechts dan kunnen we gered worden van al onze zonden.
Als dusdanig moeten we al deze dingen begrijpen en we moeten in hun waarheid geloven. Zonder zelfs de waarheid te kennen die getoond wordt in de Tabernakel en het evangelie van het water en de Geest, geloven sommige mensen, “Omdat ik geloof ga ik naar de Hemel ook al heb ik nog zonden.” Maar God zei dat iedereen die zonden heeft, in de hel gegooid zal worden; Hij zei niet dat zij niet in de hel gegooid zullen worden gewoon omdat ze in Jezus geloven. Dit is hetzelfde als de grootste dwaas van allen te worden. Het is de weerspiegeling van een dwaas, onwetend en volledig blind geloof om te zeggen dat ze naar de Hemel gaan gewoon omdat ze in Jezus geloven terwijl ze in feite geloven op een manier zoals ze dat willen. 
Sommige mensen zeggen “Ik heb nog geen persoon gezien die in de hel werd gegooid en ik heb nog niemand gezien die de Hemel binnenging. We zullen het pas op de Dag des Oordeels uitvinden.” Maar de Hemel en de hel bestaan werkelijk. Zijn er in deze wereld slechts dingen die we met onze ogen kunnen zien? Kunt u lucht zien? Er is zeker ook het gebied van de dingen die we niet kunnen zien. Alle zondaars die niet in God geloven omdat ze Hem niet kunnen zien, zijn als de beesten die omkomen. 
Als dusdanig moeten de mensen zich realiseren dat als zij zonden in hun hart hebben, zij vernietigd zullen worden en ze moeten daarom in het evangelie van het water en de Geest geloven en aan het oordeel van God ontsnappen. De wijzen zijn zij die desalniettemin erkennen dat zij veel dingen verkeerd hebben gedaan tegenover God en daarom toegeven dat ze zeker veroordeeld zullen worden als ze voor Hem staan, ook al hebben ze niet veel verkeerd gedaan tegenover de mensen om hen heen. 
We zouden niet moeten omkomen door onze onwetendheid en veronachtzaming van God en Zijn gerechte oordeel. Hij zal zeker iedere zondaar veroordelen met het eeuwigdurende vuur van de hel. Als de mensen vernietigd worden omdat ze niet in de waarheid geloven die getoond wordt in de Tabernakel, ook al hebben ze erover gehoord, dan moeten ze Satan’s kinderen zijn. De Messias wilt dat we allen het geloof hebben dat ons in staat stelt de verlossing van de zonden te ontvangen en het Koninkrijk van de Hemel binnen te gaan.
 
 
God maakte ons niet als speelgoed
 
Toen God ons mensen maakte, was het Zijn doel om ons in staat te stellen zonder leed van de zonden te leven, maar om altijd het eeuwige leven te genieten en de pracht en heerlijkheid met God als Zijn eigen kinderen te genieten. Om ons niet naar de hel te sturen werd de Messias gedoopt, nam de zonden van de wereld op Zich, vergoot Zijn bloed aan het Kruis en heeft daarmee al onze zonden uitgewist. Als God ons zo liefhad, dan zullen we God’s toorn zeker niet ontsnappen als we deze liefde niet erkennen maar slechts halfhartig in de zaligheid geloven die Hij ons gegeven heeft. 
God heeft ons van onze zonden verlost door Zijn eigen Zoon op te offeren. Omdat de Messias gedoopt was om al onze zonden op Zijn eigen lichaam te dragen, en Zichzelf op te offeren als het zondeoffer, heeft Hij ons werkelijk van alle zonden van de wereld gered. Omdat we verdoemd waren tot de hel voor onze zonden, had de Heer genade met ons en hierdoor werd Hij gedoopt, bloedde ter dood, herrees van de dood en heeft ons daarmee gered van al onze zonden en ons God’s kinderen gemaakt. God maakte ons niet als Zijn speelgoed
Een tijdje geleden had ik de kans de tentoonstelling van een zuster van mijn kerk, die afstudeerde, te bezoeken. In deze kunstgallerij kwam ik verschillende schilderijen tegen. Een van de werken die door de afstuderende klas geschilderd was, was een schilderij van Adam en Eva die van de boom der kennis van het goede en kwaad aan het eten waren, met de titel “Maakte God de mensen als speelgoed?” Iemand kriebelde een antwoord op deze vraag onder het schilderij: “God verveelde zich en dus heeft Hij ons als Zijn speelgoed gemaakt.” 
Niets kan meer verkeerd zijn dan dit antwoord. Waarom maakte God dan de boom der kennis van het goed en kwaad en vertelde Hij Adam en Eva er niet van te eten? Hij wist ten slotte al dat ze wel van de vruchten zouden eten en toch maakte Hij de boom en zei hen er niet van te eten. Toen ze ervan aten, verjoeg Hij ze uit de Hof van Eden omdat ze gezondigd hadden. Daarna zei Hij dat de zondigen gelijk naar de hel gestuurd zullen worden. Waarom deed God dit? Maakte God ons werkelijk omdat Hij geen speelgoed had en zich verveelde? Maakte Hij de mensheid omdat Hij gewoon te verveeld was en er niet meer tegen kon? Uiteraard niet!
Broeders en zusters, wat God werkelijk wilde doen was ons in Zijn eigen volk keren, ons onsterfelijk te maken en voor altijd gelukkig met ons te leven. God’s voorzienigheid om de mensheid al deze dingen toe te staan, is om ons onsterfelijke wezens te maken die de eeuwigdurende pracht en heerlijkheid genieten en die voor altijd met lof leven. Toen u en ik dus zondigen en verdoemd waren om naar de hel te gaan doordat we bedrogen zijn door Satan, heeft God Zijn eniggeboren Zoon naar deze aarde gestuurd om ons te redden. En door de Zoon te laten dopen en de zonden van de wereld op Zich te nemen, Zijn bloed te laten vergieten en van de dood te herrijzen, heeft God ons van Satan gered.
Een ontelbaar aantal mensen hebben dit grootse misverstand dat God ons op de een of andere manier maakte als Zijn speelgoed om Zijn verveling te doden. Onder degenen die niet lange in Jezus geloven en degenen die vanaf het begin nooit in Hem geloofden, zijn er die in hun bitterheid tegen God zeggen “Waarom schiep God me en liet me lijden?” Waarom houdt Hij vol dat ik moet geloven? Waarom zegt Hij dat Hij me de zaligheid zal geven als ik geloof, maar niet als ik dat niet doe?” Ze zeggen zulke dingen omdat ze niet de diepe voorzienigheid van de zaligheid kennen die God de mensheid heeft gegeven.
Deze diepe voorzienigheid van de Messias was om ons als God’s volk te accepteren en ons daarmee Zijn eigen kinderen te maken, ons toe te staan te genieten van alle heerlijkheid en pracht van de Hemel als Zijn familie. Dit is het doel van God’s schepping van de mensheid. Ik kon deze waarheid ook niet begrijpen voordat ik wedergeboren was uit het water en de Geest. Maar nadat ik de verlossing van de zonden ontving en wedergeboren was, dacht ik, “Ah! Dus daarom maakte de Heer me!”
Wat was het dat de Messias werkelijk deed om onze zonden op Zich te nemen toen Hij meer dan 2000 jaar geleden naar deze aarde kwam? Wat is het dat Hij deed om onze zonden te dragen? Hij ontving het doopsel en vergoot Zijn bloed! En dit waren alles rechtvaardige handelingen en gerechte offers die bedoeld waren om onze zonden uit te wissen.
Hierin ligt de reden waarom we werkelijk in God moeten geloven, en waarom we moeten geloven in Jezus Christus als onze God de Verlosser. Het is omdat u en ik verdoemd waren tot de hel dat God Zelf werkelijk naar deze aarde moest komen om ons te redden. Met andere woorden, Jezus moest gedoopt worden door Johannes, aan het Kruis sterven en van de dood herrijzen. De reden waarom we werkelijk in de verlossing van de zonden geloven die getoond wordt in de blauwe, purpuren en scharlakenrode wol, is zodat we verlost kunnen worden van al onze zonden. We moeten geloof hebben om de voorzienigheid van God ten opzichte van ons te vervullen. En als we in de zaligheid van de Heer geloven, doen we dat niet voor iemand anders, maar voor onszelf.
 
 
Nu is de tijd om in de waarheid van God’s zaligheid te geloven
 
Als iemand tot het volgende besef wilt komen, dan moet deze persoon zijn/haar verkeerde geloof nu opzij zetten en in het evangelie van het water en de Geest geloven met het hart. “Ik wist niet dat ik verdoemd was tot de hel. Ik geloofde gewoon omdat ik gezegd kreeg dat Jezus mijn zonden had uitgewist. Maar mijn geloof was helemaal gebaseerd op fout begrip! Ik moet nu leren wat goed is en mijn geloof op goede kennis baseren. Tot nu toe heb ik verkeerd geloofd maar het is nog niet te laat. Alles wat ik moet doen is vanaf nu is realiseren dat ik verdoemd was tot de hel voor mijn zonden, in mijn hart geloven dat de Messias me gered heeft door Zijn doopsel en bloedvergieten en dan de verlossing van mijn zonden ontvangen. Dus ik was verdoemd tot de hel!”
Slechts een handje vol Christenen heeft feitelijk maar het goede en precieze begrip van het evangelie van het water en de Geest toen ze pas begonnen te geloven. Ik deed er werkelijk 10 jaar over sinds ik Christen werd totdat ik me volledig realiseerde dat Jezus de zonden van de wereld met Zijn doopsel op Zich nam en dat Hij ter dood gekruisigd werd aan het Kruis en slechts toen was ik werkelijk gered door weer te geloven dat Jezus mijn Verlosser is. En dus verwierp ik mijn verkeerde geloof 10 jaar nadat ik Christen werd en kreeg ik het goede begrip van het evangelie van het water en de Geest en geloof er juist in. Maar voor anderen zal het misschien langer dan 20 jaar duren om de waarheid te leren kennen en er weer in te geloven. 
Als zulke mensen zich zelfs na 20 jaar gaan realiseren dat God gepland had om hen te redden door het water en de Geest, moeten ze geloven dat Jezus gedoopt was en gekruisigd voor hun zonden. Niets kan er slechter zijn voor God dan de waarheid te kennen en toch te weigeren erin te geloven. Maar als we nu in het evangelie van het water en de Geest zouden geloven ook al hebben we 10 of 20 jaar als Christenen geleefd, is dat dan iets slechts? Uiteraard niet! Er is absoluut niets slechts of schaamtevols hieraan. Als mensen werkelijk de verlossing van de zonden, die getoond wordt in de blauwe, purpuren en scharlakenrode wol, kennen en erin geloven, zullen ze werkelijk gered zijn. Geloof in het evangelie van het water en de Geest is wat God behaagt. Ik hoop dat u allen in deze zaligheid zal geloven die werkelijk volbracht is, en waarvan de vervulling kwam door de blauwe en de scharlakenrode wol.
De dekkleden van de Tabernakel waren gemaakt met veel detail. Gewoon door te kijken naar het feit dat roodgeverfde ramsvellen op het dekkleed geplaatst was dat gemaakt was van geitenhaar en dat dassenvellen hierboven lagen, kunnen we zien dat de duidelijke manifestatie van de waarheid dat we verdoemd zijn tot de hel, maar onze Heer kwam naar deze aarde, nam werkelijk onze zonden door gedoopt te worden en werd het zondeoffer voor onze zonden door Zijn bloed te vergieten en aan het Kruis te sterven. We kunnen allen in het evangelie van het water en de Geest geloven. De Heer heeft ons werkelijk gered door de werken van Jezus die getoond worden in de blauwe, purpuren en scharlakenrode wol. De dekkleden van de Tabernakel houden niets minder dan dit mysterie van de zaligheid.
Wat belangrijk is, is niet alleen leren over de Bijbel. Wat God behaagt is niet alleen om te leren, maar ook te geloven, d.w.z. als de Bijbel ons zegt dat God bepaald heeft ons te redden door de werken van Jezus die getoond worden in de blauwe, purpuren en scharlakenrode wol, dan moeten u en ik dit werkelijk in ons hart accepteren en erin geloven. Zo kunnen we God behagen. Als we in ons hart werkelijk het Woord van God horen, onze zonden erkennen en in het doopsel van de Heer en het bloed aan het Kruis geloven, dan kunnen we ook werkelijk de verlossing van onze zonden ontvangen. Maar als we niet in deze verlossing van de zonden geloven die gegeven is door de Heer en in plaats ervan in Hem geloven als slechts een theoretische kwestie, dan zullen we blijven lijden door een schuldig geweten. 
Als we het probleem van onze dagelijkse zonden niet oplossen door in het water en de Geest te geloven, dan zal dit schuldige geweten verder ons hart opvreten. Als we echter in het evangelie van het water en de Geest geloven, dan zullen we verlost worden van dit schuldige geweten want als we zondeloos worden door de volmaakte verlossing van de zonden te ontvangen, hoe kunnen we dan ooit geteistert worden door de zonden? Zo moeten dus eigenlijk geloven. Wij moeten in het evangelie van het water en de Geest geloven en het probleem van al onze zonden oplossen. Degenen die dit niet doen, hebben geen andere keuze dan gebonden te blijven door de zonde. 
Het leven is te kort en vol verdriet. God laat ieder mens lijden. Wat is de reden waarom God ons laat lijden? Door ons leed van de zonden, wilt Hij ons de kostbaarheid laten realiseren van het evangelie van het water en de Geest, om in dit evangelie te geloven en daarbij werkelijk vergeven zijn van onze zonden. Hij bracht het leed van de zonden naar u zodat u met uw hart zou gaan geloven dat de Messias al uw zonden heeft weggewassen door Zijn doopsel en het bloed aan het Kruis. Het is het meest dwaze ding in de wereld om niet in het evangelie van het water en de Geest te geloven. De zonden van de mensheid kunnen uitgewist worden door slechts het geloof dat werkelijk gelooft in het evangelie van het water en de Geest.
God zegt ons het probleem van onze zonden op te lossen door in het ware evangelie te geloven. We moeten daarom in Jezus, de echte Verlosser te geloven. U moet ook werkelijk in Jezus Christus geloven als uw eigen Verlosser in uw hart. U moet uw zonden voor God toegeven, in het evangelie van het water en de Geest geloven en daarbij gered zijn. Als u in uw hart gelooft in het doopsel van Jezus de Verlosser en Zijn bloed aan het Kruis, dan zult u werkelijk verlost worden van al uw zonden. Slechts als we in het doopsel van Jezus en het bloed aan het Kruis als de waarheid geloven, kunnen we van al onze zonden gered worden.
 
 
De volgorde van de dekkleden komen precies overeen met de volgorde van onze zaligheid
 
Als het op de volgorde van onze zaligheid aankomt, dan is de prioriteit om eerst eerlijk te erkennen dat vanaf het moment waarop we in deze wereld geboren worden, we reeds zondig zijn als dassen, de beesten die omkomen. En we moeten geloven dat we zeker gedood en in de hel geworpen zullen worden voor onze zonden. Bovendien moeten we ook geloven dat we werkelijk een zondeoffer nodig hebben om verlost te worden van onze zonden en dat de Messias als dusdanig werkelijk gekomen is en onze zonden droeg door gedoopt te worden. We moeten geloven dat onze Verlosser geen mens moet zijn, maar God Zelf. En we moeten geloven dat Jezus de Verlosser ons inderdaad gered heeft van al onze zonden door Zijn doopsel en het Kruis.
Als dit niet het geval was, dan zou God slechts twee dekkleden over de Tabernakel gemaakt hebben. Als de zaligheid bereikt kon worden door Jezus’ doopsel weg te laten, dan zouden er geen vier aparte dekkleden van de Tabernakel zijn en zou God het slechts met dassenvellen en ramshuiden bedekt hebben. Maar zijn slechts deze twee dekkleden gebruikt? Nee! De Tabernakel moest bedekt zijn met vier verschillende dekkleden; de voorhangen die geweven waren van blauwe, purpuren en scharlakenrode wol en fijn getwijnd linnen; een andere voorhang van geitenhaar; nog een ander dekkleed van ramsvellen en de laatste van dassenhuiden. 
We moeten in de waarheid geloven zoals die is, d.w.z. Jezus accepteerde al onze zonden door gedoopt te worden, stierf aan het Kruis en heeft daarmee onze vieze en medelijwekkende ziel gered van de verdoeming tot de hel voor onze zonden, door ons God’s eigen volk te maken. Dit is het mysterie dat verborgen ligt in de vier dekkleden van de Tabernakel en de volgorde waarin deze vier dekkleden gelegd waren op de Tabernakel is niets minder dan de volgorde van onze zaligheid.
Om het eerste en het tweede dekkleed van de Tabernakel aan elkaar te binden, waren gouden en bronzen gespen nodig. En op de rand van de twee sets voorhangen die samen een dekkleed uitmaakten, waren lussen van blauwe garen gemaakt. Maar voor degenen die slechts in het bloed van het Kruis geloven, is het onmogelijk te weten wat deze gouden en bronzen gespen die aan de lussen van blauwe garen vastzaten, werkelijk betekenen. Slechts degenen die in het evangelie van het water en de Geest geloven, kunnen de waarheid die verborgen ligt in de vier dekkleden begrijpen en erin geloven.
De lussen van blauwe garen verwijst naar het doopsel dat Jezus ontving in de Jordaan. Waarom geloven de mensen dan niet in het doopsel waarmee Jezus de zonden van de wereld accepteerde, maar geloven ze slechts in het bloed aan het Kruis? Omdat zij niet in God’s woord geloven zoals het is. Als we belijden dat we in Jezus geloven, kunnen we niet juist in Hem geloven door iets van het Woord van God weg te laten of toe te voegen. We moeten geloven in God’s Woord precies zoals het is, met een “ja”.
Onder de vele mensen die beweren dat ze in Jezus geloven, geloven de meesten slechts in het bloed dat Hij aan het Kruis vergoot terwijl ze het doopsel dat Hij ontving weglaten. Daarom zijn er zoveel Christenen die niet het mysterie van de waarheid begrijpen dat getoond is in de dekkleden van de Tabernakel. En daarom zijn er zoveel van de huidige Christenen die niet in de werkelijke verlossing van de zonden geloven die de Messias volmaakt vervuld heeft. Zij geloven nutteloos in Jezus, gewoon als een van de grondleggers van de religies van de wereld. Als dusdanig bewandelen veel Christenen het verkeerde pad. Zij zondigen iedere dag en toch beweren ze dat ze naar de Hemel gaan gewoon doordat ze iedere dag berouw tonen. Dit verklaart waarom wereldse mensen zo vaak Christenen afkeuren. 
Als we Christenen vragen “Hoe en met welk soort geloof kunnen we het probleem van uw zonden oplossen?” dan zeggen de meesten: “We kunnen het oplossen door berouwgebeden te geven terwijl we in het bloedvergieten van Jezus aan het Kruis geloven.” Als we ze dan vragen, “Zijn uw zonden dan werkelijk verdwenen uit uw hart?” dan antwoorden ze: “Ik heb eigenlijk nog zonden in mijn hart.” Mensen die zonden in hun hart hebben, moeten niet proberen God te bedriegen. Zulke mensen staan buiten Jezus Christus. Zij moeten gauw in Jezus Christus komen door in het evangelie van het water en de Geest te geloven.
We moeten nauwkeurig weten met welke methode precies onze Heer al onze zonden heeft uitgewist omdat het echt is. Door de zonden van de wereld naar het Kruis te dragen met het doopsel dat Hij werkelijk van Johannes ontving en door Zijn bloed te vergieten, heeft de Heer inderdaad al onze zonden uitgewist. Als we in God’s aanwezigheid willen komen, dan moeten we dat doen door in onze zaligheid te geloven die geweven is van de blauwe, purpuren en scharlakenrode wol. Het doet er niet toe hoe toegewijd iemand werkelijk in God heeft geloofd, het is nog steeds mogelijk dat hij of zij het de hele tijd verkeerd heeft begrepen en foutief heeft geloofd. Als we het Koninkrijk van de Hemel binnen willen, moeten we de zaligheid die gemaakt is van de blauwe, purpuren en de scharlakenrode wol als de waarheid accepteren waarmee de Messias onze zonden heeft uitgewist en we moeten erin geloven.
Als uw geloof voor God verkeerd is, dan moeten we het repareren en weer juist gaan geloven, het doet er niet toe hoe vaak. We moeten in de zaligheid als waarheid geloven dat de Heer werkelijk onze zonden op Zich nam en ze allen wegwaste door Zijn doopsel. We moeten werkelijk geloven dat de Heer al onze zonden voor eens en voor altijd met Zijn doopsel op Zich nam en dat Hij alle veroordeling voor onze zonden droeg door het bloed aan het Kruis. 
Met het echte geloof in de diensten van Jezus die getoond worden in de blauwe, purpuren en scharlakenroden wol van de Tabernakel, kunnen we de Messias ontmoeten. Door de Tabernakel zijn we nu in staat het evangelie van het water en de Geest beter te begrijpen en te realiseren dat het geloof gebaseerd is op de waarheid die getoond wordt in de blauwe, purpuren en scharlakenrode wol en het fijn getwijnde linnen. Het wezenlijke geloof dat we nu allen moeten hebben is het geloof met ons hart in de zaligheid die gemaakt is van de blauwe, purpuren en scharlakenrode wol.
We horen nu de waarheid die getoond wordt in de Tabernakel die gemaakt is van blauwe, purpuren en scharlakenrode wol en fijn getwijnd linnen en leren erover. De Messias wacht nu op ons nadat Hij reeds al onze zonden heeft verlost door Zijn werken die getoond worden in de blauwe, purpuren en scharlakenrode wol.
God berispt u om met uw hele hart in deze waarheid te geloven. Heeft u nog steeds zonden in uw hart? Dan moet u allen duidelijk voor God erkennen hoe duister en vies de zonden in uw hart zijn, uw zonden belijden, in de waarheid geloven die getoond wordt in de blauwe, purpuren en scharlakenrode wol en daarbij de verlossing van al uw zonden ontvangen. Als u werkelijk gelooft dat Jezus daarmee al uw zonden heeft verlost, dan kunt u alle zonden die in uw hart gevonden worden aan Hem doorgeven en Zijn volmaakte verlossing van de zonden ontvangen.
We moeten allen met ons hart in de verlossing van de zonden geloven die gemaakt is van de blauwe, purpuren en scharlakenrode wol en het fijn getwijnde linnen dat God werkelijk voor ons gepland heeft. God heeft ons het evangelie gegeven dat gemaakt is van deze wonderbaarlijke diensten van Jezus, van de blauwe, purpuren en scharlakenrode wol en Hij heeft ons daarbij de verlossing van de zonden laten ontvangen en alle macht en gezag als Zijn eigen kinderen. De Heer liet ons gered zijn van al onze zonden en veroordeling en het eeuwige leven te ontvangen door in de werken van de zaligheid te geloven die ons gegeven zijn en die getoond zijn in de blauwe, purpuren en scharlakenrode wol. 
Ik dank de Heer voor dat Hij ons gered laat zijn door in de waarheid te geloven die getoond wordt in de blauwe, purpuren en scharlakenrode wol en het fijn getwijnd linnen. Door in deze waarheid te geloven, kunnen we verlost worden van al onze zonden en het Koninkrijk van de Hemel door geloof binnengaan. Hallelujah!